Drie op een rij
Vrijdag 2 november
2018
Rustig wandel ik door de buurtsuper en laat mijn karretje
even staan bij de groenteafdeling. Inderdaad, die afdeling vind je aan het
begin van de winkel. Achter mijn kar wordt een ander karretje gestald. Met aan de
haak een net zo’n rode boodschappentas als die van mij. Niet zo gek want rood
is de familiekleur van dit winkelbedrijf.
Rustig hengel ik mijn vleeswaren binnen en een stukje
kaas, jong belegen. Artikelen die iets verderop in de schappen te vinden zijn.
Bijna terug bij mijn kar hoor ik een prompte blonde dame hardop zeggen: ‘Nee
dat is niet mijn kar.’
‘Daar heb ik ook wel eens last van’, antwoord ik. ‘Weet
soms ook niet waar ik mijn kar heb gelaten.’ De blonde dame glimlacht en die
glimlach gaat over in blik vol verbazing als een oudere vrouw langzaam naar ons
toe komt lopen, achter een karretje.
‘Maar dat is wel mijn kar die daar aan komt rijden’, zegt
de dame.
De oudere vrouw schrikt. Ik probeer in haar hoofd te
kruipen. O, o, wat heb ik nu weer
aangehaald. Ben ik weer betrapt met een verkeerde kar. Die woorden zijn
echter niet te horen. Wel de verontschuldiging dat dit inderdaad niet haar kar
is. ‘Dit zijn niet mijn boodschappen’, geeft zij toe. Zij overhandigt de kar
aan de blonde dame. Die van haar staat een paar meter verder.
Bij de kassa staan drie karren achter elkaar. Allemaal
met een rode tas. Drie mensen die hun eigen boodschappen op de band zetten.
Opa IJsbeer

Geen opmerkingen:
Een reactie posten