maandag, mei 11, 2026

Het muziekdraadje 228

Ademnood

Maandag 11 mei 2026

Het wordt weer eens tijd voor iets Nederlandstaligs en als de nood het hoogst is en ik naar adem hap is de redding al snel dichtbij. Vandaag een nummer dat een beetje aan mij is voorbijgegaan omdat ik mij in die periode van uitbrengen nauwelijks nog met muziek bezighoud, laat staan met televisie kijken en zeker geen soapseries. De uitzonderingen op muziekgebied is te vinden in de bluesmuziek en op tv-kijken sportuitzendingen.

Ademnood dus vandaag, geschreven door Jochem Fluitsma en Eric van Tijn. Een nummer voor een bijzonder album voor de duizendste aflevering van Goede tijden, slechte tijden, uitgebracht in 1995. Een zogenaamde demo van deze song wordt opgenomen met Trijntje Oosterhuis, die op dat moment nog onbekend is. De definitieve versie wordt ingezonden door Babette van Veen (Linda Dekker), Guusje Nederhorst (Roos Alberts) en Katja Schuurman (Jessica Harmsen), terwijl Oosterhuis nog wel als achtergrondzangeres is te beluisteren.

Het is de bedoeling dat ook Caroline De Bruijn (Janine Elschot) en Sabine Koning (Anita Dendermonde) meezingen maar beiden haken af en dus blijven Linda, Roos en Yessica over. Het nummer wordt mede door de soap een hit in ons land en staat zelfs zeven weken op nummer 1 in de Top 40.

Bij zoiets horen natuurlijk ook optredens en zo ontstaat een gelegenheidsformatie die nog enkele singles uitbrengt. Alleen Alles of niets komt een beetje in de richting van Ademnood met een hoogte notering op vijf.

Maar waar gaat dit nummer eigenlijk over. Heel simpel gezegd; het begint met een avontuurtje, waarbij de vrouw de leiding neemt en heeft of beter gezegd. Vannacht was heftig. Je krijgt van mij een dikke tien. ‘k Ging voor je lichaam, daarna zou ik wel verder zien. En nu de morgen komt, lig jij tegen me aan. Als je straks wakker word, laat ik je nooit meer gaan.’ En later volgt nog ‘Volgende ronde, waarin jij weer op punten scoort. We liggen uitgeput verstrengeld in elkaar. Ik vind je toch wel lief, dus je bent nog lang niet klaar.’ Oftewel Ademnood, geef je nu maar bloot’ en ‘of wordt dit de laatste keer voor jou.’

Opa IJsbeer


maandag, mei 04, 2026

Het muziekdraadje 227

Almost cut my hair

Maandag 4 mei 2026

Na de musical met zijn diverse songs van vorige maand blijft er toch nog wel iets hangen en dus start ik deze maand met een nabrander. Noem het gerust iets dat je al eerder hebt gelezen, hebt meegemaakt ook en dat het alleen hoeft te worden opgeschud om tot de ontdekking te komen, wat is dit eigenlijk bijzonder. Oftewel een Déjà Vu. En geloof het of niet dat is ook de titel van het album van Crosby, Stills, Nash & Young, waarop het bluesnummer Almost cut my hair is te vinden.

Dit nummer is geschreven door David Crosby en is een verwijzing naar If 6 was 9 van Jimi Hendrix uit 1967 over de counterculture uit de jaren ’60, die onder andere gepaard gaat met het dragen van lang haar. In deze song overweegt Crosby zijn lange haar af te knippen en zich aan te passen aan de vroegere standaard, maar hij doet dat uiteindelijk niet.

De band Crosby, Stills, Nash & Young start met de vriendschap van Crosby en Stephen Stills, die in 1966 Buffalo Springfield heeft opgericht met daarin ook Neil Young. Crosby is dan nog lid van The Byrds, waaruit hij geknikkerd wordt vanwege grote verschillen met de rest van de leden. Buffalo Springfield houdt gelijktijdig op te bestaan omdat Young een solocarrière ambieert. In dezelfde tijd verlaat Graham Nash de Britse band The Hollies en vertrekt naar Amerika. Op een feestje van Joni Mitchell, met wie Nash een relatie krijgt, zingen Crosby en Stills het net geschreven nummer You don’t have to cry. Nash zingt als derde stem mee en dat is de start van de band, waarbij dus ook Young zich aansluit omdat er een keyboardspeler nodig is.

‘Almost cut my hair. It happened just the other day. It’s gettin’ kinda long. I coulda say it wasn’t my way but I didn’t and I wonder why’, zo begint het. en ook bij mij. ‘When I finally get myself together, I’m going to get down in that sunny southern weather and I’ll find a place inside to laugh, seperate the wheat from the chaff. I feel like I owe it.’

Opa IJsbeer