maandag, mei 25, 2026

Het muziekdraadje 230

The Legend of Xanadu

Maandag 25 mei 2026

De maand mei van Het Muziekdraadje heb ik gebruikt om groepen voor het daglicht te halen waarvan de namen bestaat uit de leden van die groep. In het geval van Linda, Roos en Jesscia is dat de karakternaam die zij speelden in de soap Goede Tijden Slechte Tijden. Voor deze maandafsluiter kom ik terecht bij Dave Dee, Dozy, Beaky, Mick & Tich en verbind dat aan hun grootste hit The Legend of Xanadu.

Maar eerst over de band, die ontstaan is eind jaren vijftig in het Engelse Salisbury als The Dozies. Trevor Davies (Dozy) ontmoet toen hij bij The Beatnicks speelt Ian Amey (Tich) en haalt hem over om Eddy and the Strollers te verlaten en bij the Beatnicks te komen. Een paar maanden later komt David Harman (Dave Dee), afkomstig van Coasters and Boppers erbij. Amey benadert zijn vroegere schoolvriend John Dymond (Beaky), die bij dezelfde band speelt als Harman om ook mee te doen. Zij treden vervolgens op als Ronnie Blonde and the Beatnicks met een repertoire van klassieke rocknummers en wat eigen werk.

Op een avond komt zanger Ronnie niet opdagen, waarna Harman de zang op zich opneemt. De groep wisselt regelmatig van drummer tot Michael Wilson (Mick) erbij komt. De naam van de groep verandert dan eerst nog in Dave Dee and the Bostons en treden onder andere op in Duitsland. Pas na een platencontract bij Fontana Records wordt de bandnaam Dave Dee, Dozy, Beaky, Mick & Tich, bestaande uit de koosnaampjes van de bandleden.

Er komen daarna diverse personele wisselingen, maar de groepsnaam verandert niet meer. Hun grootste hit is de zevende single en komt van hun eerste album. Het komt in Engeland zelfs op nummer één terecht. Veel nummers van deze band hebben iets bijzonders, voor ‘Xanadu’ is dat de inzet van de trompetsectie en de zweepslag, in feite betreft dit het slaan met twee stukjes hout tegen elkaar.

Afsluitend toch nog wat songtekst. ‘You’ll hear my voice, on the wind, ‘cross the sand if you return tot hat black barren land that bears the name of Xanadu.’ Ja daar hebben wij het befaamde Xanadu. Ik vervolg met ‘All echo when the vultures cry as if to show our love was for a day.’ En ik sluit af met. ‘Did you ever give yourself to any one man in this whole wide world. Or did you love me and will you find your way back one day to Xanadu.’

Opa IJsbeer


maandag, mei 18, 2026

Het muziekdraadje 229

Lucky man

Maandag 18 mei 2026

Een beetje bekomen van de schrik van de vorige aflevering dan bent u een Lucky man of vrouw uiteraard, want die lezen dit draadje daadwerkelijk ook en misschien zelfs wel beter. Ditmaal gaat het over een nummer dat bijna niet is uitgekomen. Omdat de uitvoerenden na de opnamen voor hun eerste studioalbum ELP wat minuten tekortkomen duikt de auteur in zijn archief en vind dit nummer dat hij al op zijn twaalfde heeft geschreven.

Ik heb het dan over Greg Lake, die samen met Keith Emerson en Carl Palmer in 1970 de progressieve Britse band Emerson, Lake & Palmer vormen. Emerson, lid van The Nice, en Lake (King Crimson) ontmoeten elkaar in de Amerikaanse concertzaal Filmore West waar hun bands optreden. Tijdens een soundcheck klikt het tussen het tweetal en als The Nice uit elkaar valt besluit het duo samen verder te gaan. Zij gaan nog wel op zoek naar een drummer en vinden die uiteindelijk bij Palmer die onder andere bij The Crazy World of Arthur Brown heeft gespeeld. Ook Jimi Hendrix is geïnteresseerd in het project, maar door zijn overlijden blijft deelname uit.

Het eerste eigen nummer dat de band nog datzelfde jaar opneemt is Take a pebble. In augustus treden zij voor het eerst op in Plymouth en krijgen bovendien de kans op het beroemde Isle of Wight Pop Mucic Festival. Ondanks dat hun eerste album nog niet uit is en het publiek de groep niet of nauwelijks kent, heeft het drietal meteen succes, onder andere met Pictures at an Exhibition, dat zij hier voor het eerst spelen.

Ik keer toch weer terug bij het nummer Lucky man dat als volgt begint. ‘He had white horses and ladies by the score. All dressed in satin and waiting by the door.’ Inderdaad een twaalfjarige schreef dit. ‘He went to fight wars for his country and his king.’ En later ‘A bullet had found him. His blood ran as he cried. No money could save him. So he laid down and he died.’ Oftewel ‘Ooh what a lucky man he was.’

Opa IJsbeer


maandag, mei 11, 2026

Het muziekdraadje 228

Ademnood

Maandag 11 mei 2026

Het wordt weer eens tijd voor iets Nederlandstaligs en als de nood het hoogst is en ik naar adem hap is de redding al snel dichtbij. Vandaag een nummer dat een beetje aan mij is voorbijgegaan omdat ik mij in die periode van uitbrengen nauwelijks nog met muziek bezighoud, laat staan met televisie kijken en zeker geen soapseries. De uitzonderingen op muziekgebied is te vinden in de bluesmuziek en op tv-kijken sportuitzendingen.

Ademnood dus vandaag, geschreven door Jochem Fluitsma en Eric van Tijn. Een nummer voor een bijzonder album voor de duizendste aflevering van Goede tijden, slechte tijden, uitgebracht in 1995. Een zogenaamde demo van deze song wordt opgenomen met Trijntje Oosterhuis, die op dat moment nog onbekend is. De definitieve versie wordt ingezonden door Babette van Veen (Linda Dekker), Guusje Nederhorst (Roos Alberts) en Katja Schuurman (Jessica Harmsen), terwijl Oosterhuis nog wel als achtergrondzangeres is te beluisteren.

Het is de bedoeling dat ook Caroline De Bruijn (Janine Elschot) en Sabine Koning (Anita Dendermonde) meezingen maar beiden haken af en dus blijven Linda, Roos en Yessica over. Het nummer wordt mede door de soap een hit in ons land en staat zelfs zeven weken op nummer 1 in de Top 40.

Bij zoiets horen natuurlijk ook optredens en zo ontstaat een gelegenheidsformatie die nog enkele singles uitbrengt. Alleen Alles of niets komt een beetje in de richting van Ademnood met een hoogte notering op vijf.

Maar waar gaat dit nummer eigenlijk over. Heel simpel gezegd; het begint met een avontuurtje, waarbij de vrouw de leiding neemt en heeft of beter gezegd. Vannacht was heftig. Je krijgt van mij een dikke tien. ‘k Ging voor je lichaam, daarna zou ik wel verder zien. En nu de morgen komt, lig jij tegen me aan. Als je straks wakker word, laat ik je nooit meer gaan.’ En later volgt nog ‘Volgende ronde, waarin jij weer op punten scoort. We liggen uitgeput verstrengeld in elkaar. Ik vind je toch wel lief, dus je bent nog lang niet klaar.’ Oftewel Ademnood, geef je nu maar bloot’ en ‘of wordt dit de laatste keer voor jou.’

Opa IJsbeer


maandag, mei 04, 2026

Het muziekdraadje 227

Almost cut my hair

Maandag 4 mei 2026

Na de musical met zijn diverse songs van vorige maand blijft er toch nog wel iets hangen en dus start ik deze maand met een nabrander. Noem het gerust iets dat je al eerder hebt gelezen, hebt meegemaakt ook en dat het alleen hoeft te worden opgeschud om tot de ontdekking te komen, wat is dit eigenlijk bijzonder. Oftewel een Déjà Vu. En geloof het of niet dat is ook de titel van het album van Crosby, Stills, Nash & Young, waarop het bluesnummer Almost cut my hair is te vinden.

Dit nummer is geschreven door David Crosby en is een verwijzing naar If 6 was 9 van Jimi Hendrix uit 1967 over de counterculture uit de jaren ’60, die onder andere gepaard gaat met het dragen van lang haar. In deze song overweegt Crosby zijn lange haar af te knippen en zich aan te passen aan de vroegere standaard, maar hij doet dat uiteindelijk niet.

De band Crosby, Stills, Nash & Young start met de vriendschap van Crosby en Stephen Stills, die in 1966 Buffalo Springfield heeft opgericht met daarin ook Neil Young. Crosby is dan nog lid van The Byrds, waaruit hij geknikkerd wordt vanwege grote verschillen met de rest van de leden. Buffalo Springfield houdt gelijktijdig op te bestaan omdat Young een solocarrière ambieert. In dezelfde tijd verlaat Graham Nash de Britse band The Hollies en vertrekt naar Amerika. Op een feestje van Joni Mitchell, met wie Nash een relatie krijgt, zingen Crosby en Stills het net geschreven nummer You don’t have to cry. Nash zingt als derde stem mee en dat is de start van de band, waarbij dus ook Young zich aansluit omdat er een keyboardspeler nodig is.

‘Almost cut my hair. It happened just the other day. It’s gettin’ kinda long. I coulda say it wasn’t my way but I didn’t and I wonder why’, zo begint het. en ook bij mij. ‘When I finally get myself together, I’m going to get down in that sunny southern weather and I’ll find a place inside to laugh, seperate the wheat from the chaff. I feel like I owe it.’

Opa IJsbeer