Oranje
Maandag 28 juni 2021
Geen toeterende auto’s door de Nederlandse straten tijdens
dit Europees Kampioenschap, omdat de Turken niets hebben gepresteerd. Geen
vaartocht door de grachten van Amsterdam, zoals in 1988. De bondscoach heeft
daarover wel gedroomd. Het tegendeel is nu waar; het opruimen van de
voetbalversierselen is gisteren begonnen. Het is niet zo heel veel geweest,
want de straten en woningen zijn niet zo versierd zoals tijdens andere
toernooien.
Het klopt, na de eerste gewonnen wedstrijd zijn er wat
meer mensen aan de slag gegaan, maar toch… Echt uitbundig is het dit jaar nauwelijks
geweest. Een enkele uitzondering daar gelaten, maar daar zijn het ook
uitzonderingen voor. Ik heb voor mezelf (en misschien voor jullie ook een
beetje) geprobeerd te achterhalen waarom het oranjegevoel dit toernooi ontbreekt.
Ik heb onze Oranje (koning) zien dansen op de tribune.
Zijn vuist zien ballen bij een doelpunt. Hem valt gebrek aan enthousiasme in
ieder geval niet te verwijten, terwijl hij toch regelmatig een bak stront over
zich heen gekieperd krijgt.
Heeft het gebrek aan saamhorigheid misschien te maken met
een steeds grotere tweedeling in de maatschappij? Met een mengeling van
culturen, rassen? Gebrek aan vertrouwen in onze bestuurders, die zich plotsklaps
niets meer kunnen herinneren. En op die enkele opgestapte bestuurder na geen
verantwoordelijkheid nemen voor hun daden. Of gaan wij gebukt onder de
coronamaatregelen en kunnen en willen wij daardoor niet uit ons dak gaan? Ik
weet het niet!
Het kan natuurlijk ook nog door het voetbal en de
voetballers komen. De analisten, critici en de miljoenen voetbalkenners (lees
bondscoaches) in ons land hebben echter al genoeg gezegd over het debacle in
Boedapest. Dus waarom moet ik daar zo nodig ook nog mijn plasje overheen doen?
Opa IJsbeer


